4 augustus 2011

Nausicaä of the Valley of the Wind (1984)

Na een fraai debuut kunnen we van opvolger Nausicaä of the Valley of the Wind pas echt zeggen dat het een Miyazaki-film is. Het moraliserende kantje (uiteraard in verband met het milieu), een jong meisje in de hoofdrol, de prachtige animatie, een handvol vliegscènes,... ze zijn hier onmiskenbaar van de man die later de onbetwiste koning van het medium zou worden. Maar waar binnen Lupin III: The Castle of Cagliostro slechts weinig kenmerken van een beginnende filmregisseur te vinden waren, zien we Miyazaki in Nausicaä veel harder sukkelen om alles bijeen te brengen. Dit is het moment waarop Miyazaki een deel van zichzelf in zijn films begon te steken, het moment waarop hij zijn stijl duidelijk begon te ontwikkelen. Bijgevolg is Nausicaä daardoor bijlange niet de meest gestroomlijnde film die hij nog zou produceren, maar anderzijds dient deze prent - hoewel dit dus zijn tweede film als regisseur was - als een debuut gezien te worden.

Nausicaä of the Valley of the Wind is een verfrissende blik binnen het genre van post-apocalyptische films. Geen eeuwige woestijnen met motorbendes, geen ander ras dat de aarde domineert, geen wandelende ondoden: de wereld wordt hier overlopen door een jungle. Een toxische jungle waar giftige sporen je longen vernietigen en gigantische insecten je opjagen alsof je net een flesje Chaudfontaine bovengehaald hebt op een N-VA bijeenkomst. De weinige overgebleven samenlevingen worden door deze wildgroei van elkaar verspreid. Wanneer de Vallei van de Wind (een soort plattelandsdorpje) per ongeluk een biologisch wapen in hun schoot geworpen krijgt komen twee volkeren oorlogje spelen om het in bezit te krijgen.

En hoewel dat in principe goed klinkt, is aan de uitwerking duidelijk te zien dat Miyazaki de kunst van een goed verhaal vertellen nog niet helemaal onder de knie had. Hij gebruikt een inleidende tekst om het achtergrondverhaal duidelijk te maken, het plot zelf komt maar moeizaam op gang en rommelt een beetje in het tweede bedrijf. Het is zeker en vast niet rampzalig, maar de duidelijke trekken van een regisseur die zijn draai nog niet helemaal heeft gevonden.

Het duidelijkst is dit terug te vinden in de personages zelf. Hoofdpersonage Nausicaä is redelijk uitgewerkt, maar niet sterk uitgediept. Ze is Godzijdank een sterker vrouwelijk personage dan eender wat je in die tijd in Westerse animatiefilms kon zien, maar ook net wat te eendimensionaal om interessant te zijn en de film te dragen. Ze is een meester in het zwaardvechten, maar wil in de mate van het mogelijke absoluut niet vechten. Ze jaagt gigantische insecten weg, maar empathiseert zeer sterk met hen. Ze wil van de jungle af, maar geniet van de pracht ervan. Alles heeft een kant waarin ze te duidelijk een kristalhelder Disneyprinsesje is. Ze is redelijk charismatisch en daardoor geen vervelend hoofdpersonage, maar ze is ook allesbehalve memorabel.

Het grootste probleem is echter dat Nausicaä, al haar clichés en déja-vu-persoonlijkheid daargelaten, het enige degelijk uitgewerkte personage in de film is. Nausicaä wordt doorheen de film omring door een hoop nietszeggende, saaie stockpersonages van wie je je minuten na de film al niets meer zal kunnen herinneren. En de ondersteunende cast hoort in Miyazaki-films juist één van de sterkste punten te zijn. Waar je bij Spirited Away van het ene verrassende personage op het andere botst, volg je hier enkel en alleen Nausicaä. Ze is als personage eerder een degelijk randpersonage dat in een hoofdrol geduwd wordt, en er is natuurlijk een reden waarom Aladdin niet gewoon anderhalf uur rond Yasmine draait.

Daardoor mist Nausicaä de emotionele kern die normaal gezien centraal staat in een Ghibli-film Enfin, toch deels... Nog een probleem dat een echte band met de film in de weg staat is Miyazaki die zijn innerlijke hippie nog niet onder controle heeft leren houden. We weten inmiddels dat Miyazaki zijn leven gewijd heeft aan het oplossen van milieuproblemen, dat zien we ondermeer terug in latere werken als Castle in the Sky, Princess Mononoke en Ponyo. Maar waar hij dat in die films op subtielere wijze met het plot verweeft, word je er bij Nausicaä om de vijf minuten met een voorhamer mee in het gezicht geslagen. De hele toon is zó overdreven moraliserend dat het op den duur allemaal nogal banaal aanvoelt. Zie je dit giftige bos? HET IS DE SCHULD VAN DE MENSEN, DE HUFTERS, DOE ER IETS AAN! Zie je deze kudde agressieve Ohmu? ZE ZIJN MISBRUIKT DOOR DIE SMERIGE MENSHEID, KETEN JEZELF MAAR SNEL AAN EEN BOOM VAST. Het doet het verhaal, maar ook de boodschap niet veel ten goede.

Maar goed, laat al die negatieve commentaar u niet van de wijs brengen: Nausicaä is absoluut geen slechte film, zeker niet. Miyazaki doet niet aan "slechte films", het ligt gewoon een beetje onder de standaard die hij later zelf zou stellen. Want zoals gezegd is dit onmiskenbaar een Miyazaki-film, mede door de wereld waarin Nausicaä zich afspeelt. Het is niet zo luid en volgepropt als Spirited Away, maar dat heeft de film ook niet nodig. De vondsten staan in teken van het verhaal, waardoor je de wereld heel snel leert appreciëren. De toxische jungle en bijhorende insecten, de indrukwekkende ohmu die zowel dreiging als een vreemde zachtheid uitstralen, de zogenaamde Kyoshinhei, een afschuwelijke gigant met mensachtige trekjes, ... het toont al enigszins de enorme creativiteit die we van Miyazaki verwachten, maar hij werkt nog maar in tweede versnelling. Misschien maar goed ook, want deze gematigde hoeveelheid fantasie kan het matige narratief nog redden, terwijl een grotere hoeveelheid de hele film waarschijnlijk zou doen verzuipen en alle richting zou doen verliezen.

Een gigantische verbetering ten opzichte van The Castle of Cagliostro is echter de animatie. In Nausicaä zien we duidelijk een iets primitievere vorm van de pracht die we gewoon zijn in Miyazaki's werk terug te vinden. Want hoewel zijn films later nog gedetailleerder zouden worden valt er op de animatie hier maar weinig aan te merken. Vloeiend, expressieve personages en bijzonder mooie omgevingen, waar vooral de scènes in de jungle een specifieke vermelding waard zijn. De wereld wordt heerlijk tot leven gebracht, en je zou er het matige verhaal en de dreunende thematiek bijna door vergeten.

Nog een tip voor de steeds groter wordende groep Avatar-haters: als jullie naast het gebruikelijke Pocahontas, Dances With Wolves en Ferngully nog meer materiaal willen om notoir animé-liefhebber James Cameron van plagiaat te beschuldigen, zoek niet verder. In 2011 is het tamelijk vreemd om iemand in een uit turquoise-tinten opgebouwd bos in contact te zien komen met de natuur met behulp van dradige voelsprieten, zonder dat er CGI-kataliens doorheen lopen.

Dus hoewel Nausicaä of the Valley of the Wind misschien wel een stap achteruit is ten opzichte van The Castle of Cagliostro op vlak van regie en schrijven, is het meer dan twee stappen vooruit op vlak van Miyazaki's evolutie als regisseur. We zien de ruwe ideeën die hij later zou polijsten (de film op zich is een halve blauwdruk voor Princess Mononoke), maar Miyazaki was nog niet ervaren genoeg om alles in elkaar te doen passen. Nausicaä is niet zijn meest verfijnde werk, maar het is fascinerend om te zien dat de man bijna dertig jaar geleden al ongeveer wist waar hij heen wou, en dat dat precies het punt is waar hij op zou uitkomen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen