12 januari 2010
Avatar (2009)
Het is bijna niet te vatten: James Cameron, toch wel dé big budget actieregisseur bij uitstek, heeft in vijftien jaar geen actiefilm meer gemaakt. Het is van True Lies geleden dat de meester zich nog eens aan explosies en oneliners waagde, en het klimaat is sindsdien toch enigszins veranderd. Nadat het genie achter Terminator en Aliens zijn vizier had gericht op Titanic werd de markt overgenomen door figuren als Michael Bay; de val van de blockbuster was groot en verandering zit er niet meteen aan te komen. Voor groots, episch en actievol entertainment is het nog steeds een helse opdracht om doorheen de hersendodend banale bandwerken op zoek te gaan naar iemand die het juist doet. En kijk, daar is James Cameron weer.
Avatar is een origineel verhaal. Dat is, Avatar is geen adaptatie, maar ècht origineel is het zeker en vast niet. Het plot staat nu eenmaal bomvol van de clichés (wat verwacht je anders van een Cameron): de vergelijkingen met Pocahontas, Dances with Wolves en FernGully stapelen zich op en het verhaal van de film is onmiskenbaar vergelijkbaar. De vraag die zich dan stelt is waarom dit zo een groot probleem is bij een hedendaagse productie. Om bij dezelfde parallel te blijven: Dances with Wolves is ook een variant op het klassieke verhaal,
Avatar onderscheidt zich dus niet door het verhaal, maar veeleer door de presentatie ervan. De wereld die hier gecreëerd werd is diep en gevarieerd en biedt met alle gemak ruimte voor de komende sequel.
Hét grote sleutelwoord is gevallen: visueel. Het productieteam achter Avatar heeft kosten noch tijd gespaard om baanbrekende effecten te bezorgen en levert hier zonder twijfel de beste CGI tot op heden af. Vooral de motion capture - toch wel hèt technische paradepaardje van Avatar - zorgt ervoor dat de film volledig werkt. Nooit eerder toonden digitale wezens emotie op deze manier en konden deze zo effectief het emotionele middelpunt van de film vormen.
8.5
Eyes Wide Shut (1999)

Kubricks laatste film is geen meesterwerk, maar de film toont wel duidelijk de hand van een meester. Even interessant en veelbetekenend als je kan verwachten van een Kubrick-film, maar aarzelend in enkele essentiële kwaliteiten waar zijn ouder werk wél verzadigt. De film is zeker een half uur te lang, twijfelachtig qua toon en mist wat schwung in het tempo. Maar daar tegenover staat dan weer dat... tja, het is natuurlijk wel een Kubrick.
En zoiets uit zich natuurlijk vooral in het visuele aspect van de film. Kubrick doet zijn reputatie eer aan en gaat flink met de camera tewerk. Slimme, betekeningsvolle cuts wisselen af met de typerende tracking shots die al Kubricks personages zoveel kracht bij zetten.
Het is zijn absolute handelsmerk geworden en ontbreekt in zijn zwanenzang zeker en vast niet. Naar goede gewoonte weet hij ook weer het allerbeste uit zijn acteurs te krijgen. Geen verrassing voor de sterke ondersteunende cast, maar om van Tom Cruise en Nicole Kidman - die hoogtepunten altijd afwisselen met trieste dieptepunten - allebei een sterke prestatie te verkrijgen moet je al flink je best hebben gedaan. De twee waren destijds een koppel en weten de problematiek perfect in hun spel te leggen, wat alvast enige oefening voor later bleek te zijn.Net als in de films spirituele voorgangers is er veel te vinden voor de meerwaardezoeker. Een oprechte kijk op seks in de realiteit en de droomwereld, verbolgen onder metaforen en een keuze voor de vaste relatie boven verliefdheid; wie durft er tegenwoordig nog zo een publieke mening op na te houden?
Genoeg stof om over na te denken achteraf, maar op het moment zelf wordt deze thematiek onderworpen aan één van de vele vallen van meerwaardecinema. De film kabbelt steevast voort aan een opzettelijk gezapig tempo dat de film - los van de technische en inhoudelijke kwaliteit - bij momenten op het randje van saai doet balanceren. Goed, de film gaat er nèt niet over, maar heel veel s
cheelt het op enkele momenten toch niet. Het is misschien daarom dat het thrilleraspect rond een bepaalde cult er met de haren wordt bijgetrokken. Het doet de balans van de film zeker geen goed en de tempoverandering is wel héél erg plots. Maar los van de duidelijke kwaaltjes is de film een waardig slot voor één van de grootste regisseurs ooit; een uniek project dat stof geeft tot denken en rijk is aan visuele flair, net zoals al zijn films dus.7.5
11 januari 2010
O Brother, Where Art Thou? (2000)

De Coen broers zullen altijd een ras apart blijven. Meester over zoveel genres met toch altijd de specifieke trademark-dialogen die altijd wel in hun concepten lijken te passen. Misdaad, thriller, komedie of een grote mengelmoes; de Coens begrijpen het medium film en weten altijd dat tikkeltje meer te geven aan hun films. In dat opzicht valt O Brother, Where art Thou toch tegen, want ookal is het een tof avontuur en toont de kwaliteit zich vooral in de dialogen, véél meer dan dat is het toch niet.
De film staat helemaal in teken van het taalgoochelen - iets waar de Coens nu eenmaal heer en meester in zijn - en is in combinatie met de drie grote, centrale idioten onweerstaanbaar. Het is moeilijk om niet te lachen wanneer George Clooney, zo vuil als de straat met zijn perfect
gebit en een half pak Dapper Dan in zijn coiffure, het heeft over "auto-voitures" en "geographical oddities". Mede natuurlijk door de sterke casting, Tim Blake Nelson is een vreemd gezicht, maar verder is het niet de eerste keer dat we Clooney, Turturro en Goodman tegenkomen in een Coensfilm. De mannen verstaan elkaar duidelijk ontzettend goed en weten - zoals altijd - een sterke prestatie neer te zetten.Maar van die geweldige woordenbrij zijn de broertjes wel vergeten een goed geheel te boetseren. De film heeft veel memorabele scènes en personages, maar ze bouwen eigenlijk op naar een onbestaande
climax. Het is een soort Joel & Ethan Coen: And Now for something Completely Different, waar de heren een aantal sterke sketches bij elkaar grepen en er een avontuur van maken. Amusant om ziens is dat zeker, maar wanneer we naar het totaalbeeld kijken zijn we nu eenmaal meer gewend van deze mannen. Tof en plezierig, maar niet veel meer dan dat.7.0
4 januari 2010
De slechtste films van 2000-2009
De traditionele eindejaarslijstjes worden dit jaar naar de achtergrond gedrukt voor de grootsere terugblikken op het decennium. Naast de aankomende positieve lijstjes heb ik me deze keer ook gewaagd aan een negatief lijstje. Nu, slechte films zijn iets om uit de weg te gaan, overduidelijke brol zoals een Beverly Hills Chihuahua is niet meteen iets waar je even anderhalf uur voor gaat zitten en een ezel stoot zich geen twee keer aan dezelfde -movie. Daarom zal deze lijst ook bestaan uit de meer onverwacht slechte films; duidelijke bagger en low-budget haalt de lijst niet. Ook heb ik bewust veel oudere films weggelaten: ik kijk nog maar een aantal jaren films op een serieuze manier met genoeg kennis van zaken; natuurlijk zijn er slechtere films - pak nu bijvoorbeeld Battlefield Earth - die het nog meer verdienen om hier te staan, maar ik kan nu eenmaal niet hetzelfde oordeel vellen als pakweg acht jaar geleden om er nu iets zinvols over te zeggen. Dat gezegd zijnde begint hier het lijstje van de meest spectaculaire rotzooi van de voorbije tien jaar.
Bij momenten lijkt het wel een parodie op de eerste al niet zo sterke Transformers film, maar helaas: Michael Bay is hier doodserieus. Maarliefst 2.5 uur moet je naar deze rommelige prent kijken waar nooit iets genuanceerder in voorkomt dan pure actie of comic-relief (uiteraard altijd iets met seks of slapstick). De CGI is rommelig en onduidelijk, het plot wordt in één enkele scène uitgelegd en wanneer je een film over gigantische vechtende robots saai kan maken weet je dat je niet goed bezig bent.
Adam Sandler terugvinden op een lijst als deze is natuurlijk geen verrassing, de man heeft zoveel rotzooi uitgebracht in zijn carrière dat de films die wèl goed zijn elke keer weer voor verrassing zorgen. Met Zohan brengt hij echter mogelijk zijn slechtste poging tot humor dusver; een racistische film met een oh zo subtiele anti-racisme ondertekst die verder opgevuld wordt met zwakke grappen over penissen, vagina's of een combinatie van de twee. En alsof dat nog niet genoeg is is dit - net als Transformers 2 - een film waar John Turturro zijn talenten links laat liggen om snel wat centen bijeen te rapen, wat altijd een deprimerend zicht is.
Jason Friedberg en Aaron Seltzer zijn mogelijk de twee slechtste schrijvers in Hollywood. De grapjassen die niet eens begrijpen wat een parodie nu eigenlijk is hebben dit decennium na de grote Scary Movie hit maarliefst zeven andere misbaksels uitgebracht; dit was degene waar ik mij aan liet vangen.
De film waar Guy Ritchie zijn stijl-boven-inhoud manier van filmmaken nam en aanpaste naar stijl-zonder-inhoud. De combinatie van een saai verhaal, platte personages en een voice-over die de hele film moest beschrijven (als de acteurs het af laten weten kan je nog altijd gewoon zeggen wat je personages eigenlijk voelen) zorgt voor de prent die laat zien dat Guy Ritchie als one-trick-pony eigenlijk al veel lang staat te draven.
Dit decennium kende de vlaamse film een bloei die niemand had verwacht. Vooral sinds Erik van Looy's De Zaak Alzheimer wordt in vlaanderen steeds meer kwaliteit uitgebracht en laten we het grote verleden over boerderijen en inteelt eindelijk achter ons. Er is echter één man die hier niet in mee wil: Jan Verheyen houdt vast bij zijn films over vlaamse marginalen zonder enige vorm van inhoud. Team Spirit is hier het archetype van, maar feitelijk kon hier eender welke andere film van Jan Verheyen staan.
Borat was de meest spraakmakende komedie in jaren en jaren, misschien wel aller tijden. De verrassing en schaamte die mensen die nog nooit van Da Ali-G Show hadden gehoord voelden was zo oprecht dat de film - ookal was hij zeer goed - nog eens verdubbelde qua impact. Met Brüno probeert Sasha Baron Cohen het nog eens na te bootsen wat volledig mislukt en eindigt in geënsceneerde en uitgelokte uitspraken. Pijnlijk niet grappig.
Hancock is een grote hoop onsamenhangende en slecht uitgewerkte ideeën die met elkaar botsen tot er uiteindelijk helemaal niets meer in de film zit. Daarmee misschien niet de slechtste film, maar wel degene waar het meest potentie in zat waarvan uiteindelijk helemaal niets te zien was.
De duurste film aller tijden en dat is te zien aan de geweldige effecten, de derde Pirates draait zichzelf echter in een knoop door het onvolgbare script. De schrijvers lijken zich al improviserend doorheen de film te bluffen, het gevolg hiervan is de grootste opeenhoping van intriges en twists die je ooit zal zien waarvoor je al een flinke berg steekkaarten nodig hebt om het verhaal enkel en alleen al na te vertelen. At World's End heeft nergens nog maar een beetje van de charme van The Curse of the Black Pearl en is een van de meest vermoeiende en onbegrijpelijke films ooit, en daar mag je dan bijna drie uur met open mond naar gapen.
Eén van de zwakst geschreven films die ik ooit gezien heb. Een ronduit idioot plot, gewichtloze personages zonder ontwikkeling, enorm saai (en dat voor een actie georiënteerde film), zwakke animatie (naast de knappe CGI), ... de lijst met fouten in Advent Children is bijna eindeloos. Een verschrikkelijk stuk fanservice waar zelfs de fans zich schuldig over zouden moeten voelen.
Los van de fouten van de film zelf (lees daarvoor de Advent Children alinea nog maar eens door) is er één reden waarom Hannibal Rising nog slechter is dan de bovenstaande films. Hannibal Rising grijpt zonder enige gêne naar één van de meest genuanceerde en iconische personages in de filmgeschiedenis en reduceert hem tot een simpele dertien-in-een-dozijn schurk waar zelfs Willy Vandersteen en Jef Nys hun schouders voor zouden ophalen.
3 januari 2010
Santa's Slay (2005)
First-timer David Steiman komt met een kerstslasher die volledig in de lijn van Silent Night, Deadly Night ligt. Steiman begint echter met kilometers voorsprong door zijn versie van de Kerstman - zoon van Satan - in te vullen met niemand minder dan worstellegende Billy Goldberg. Zoiets lijkt op voorhand al niet fout te kunnen lopen, maar helaas kan Santa's Slay de verwachtingen (die door Goldberg toch wel relatief hoog lagen) niet inlossen.Naast Goldberg speelt ook Emilie de Ravin een centrale rol; beter bekend als Claire in Lost past ze perfect als de 'girl next door' (al zien de buren er hier zo niet uit) waar het hoofdpersonage stiekem verliefd op is. Het is echter dit hoofdpersonage dat de zwakke schakel is: Douglas Smith weet nooit te overtuigen of zelfs maar te interesseren en komt flink tekort om een f
ilm te dragen. Maar nog veel belangrijker in dit soort film is het script: zitten er genoeg originele moorden of oneliners in de film om het allemaal boeiend te houden? Helaas niet, al heeft Santa's Slay zeker en vast zijn momenten (wie geniet nu niet mee wanneer de kerstman zich laat gaan op Fran Dresscher en James Caan?) is de hoeveelheid aan sterkste scènes te laag om anderhalf uur te kunnen boeien. Om nog maar zo vriendelijk te zijn om niet uit te weiden over het einde, want wie ooit bedacht heeft dat een partijtje curling een passende climax zou zijn mag zelf op het lijstje van Billy Goldberg verdwijnen.5.0
Midway (1976)

De slag bij Midway was een offensief van Japan na Pearl Harbour en de daaropvolgende reactie van Amerika. Waar de strijd in werkelijkheid gewonnen werd door Amerika is het moeilijk om een winnaar aan te duiden in deze rommelige film die ontsierd wordt door slechte editing en zwak acteerwerk.
Wat nochtans een verrassing is, want de lijs van namen wekt indruk met Henry Fonda en Charlton Heston als de Amerikaanse helden, beide heren vallen echter totaal niet op en werken zich bijzonder routineus doorheen de film. Aan de andere kant van deslag is het nog erger gesteld, waar de legendarische Toshiro Mifune
zich duidelijk niet in zijn sas voelt en pijnlijk houterig staat te acteren. Veel gebeurt er niet in Midway: er is een subplotje over Charlton Hestons zoon en zijn Japanse vriendin, maar verder is het vooral opbouwen en de geschiedkundige lijntjes volgen naar de effectieve strijd. Deze actievolle climax is echter zo zwak gemonteerd dat het saaie eerste deel niet gered wordt, maar eerder nog eens pijnlijk onderstreept. Serieuze tegenvaller waarin de getalenteerde cast niet kan schitteren.3.0
Maniac Cop (1988)
Een kruising van een politiethriller en een typische 80's slasher waar de moordenaar een gestoorde agent is, de hoofdrollen worden vertolkt door Bruce Campbell, de enige echte Shaft en Night of the Creeps' Tom Atkins. Als deze beschrijving je aanstaat is de film helemaal jouw ding en zal de film niet teleurstellen, maar aanhangers van moderne CGI en astronomische budgetten kunnen beter twee keer slikken alvorens zich aan deze entertainende B-film te onderwerpen.Zoals menig 80's B-film kan je vooraf al voorspellen wat je te wachten staat: extreem foute synthesizermuziek met bijpassende kapsels en schoudervulling, aangevuld met een door misdaad geteisterd New York als achtergrond. Het is deze heerlijk cheesy B-sfeer die dit soort films redt; het plot is niet altijd even plausibel en de acteurs durven al eens over d
e grens van overacting te treden, maar dat is nu eenmaal eigen aan het genre. Wie hier voorbij kan kijken vindt in Maniac Cop een amuserend verhaal dat niet verveelt. William Lustig bouwt enkele slimme en verrassende set pieces op en gooit de focus probleemloos van het een personage naar het ander, waar enkele korte sub-plots het geheel fris houden. Perfect om om anderhalf uur zonder nadenken te overbruggen, er bestaan ergere dingen.7.0
Abonneren op:
Posts (Atom)